Kasteel de Rozerie vindt u op de Brusselsesteenweg nr 75 te Aalst.
Aalst is een oude lokaliteit die in de 9de eeuw door de Noormannen werd verwoest. De Sint-Martinuskerk
werd in 1360 en 1480 door brand vernield. Na de laatste brand werd ze prachtig herbouwd.
Ondanks het feit dat deze verbouwing deels onvoltooid gebleven is (tweederde van het schip en de toren ontbreken)
is de kerk zeker een bezoek waard.
Het belfort, het vroegere schepenhuis van Aalst, is een mooi gotisch bouwwerk uit de
12de en 13de eeuw.
Het herbergt de oudste mechanische beiaard uit de Nederlanden, een uitvinding die waarschijnlijk uit
1469 dateert.
De dendervallei en meer bepaald het land van Aalst is rijk aan kastelen en kasteeltjes.
Eertijds stonden er nog veel meer kastelen in en rond Aalst,
maar de hoge onderhoudskosten, verkavelingsspekulaties en hoge belastingen en taksen
brachten echter vele bouwwerken de genadeslag toe.
Eén van de belangrijkste kastelen in Aalst was het kasteel van Overham(me) gelegen in de gelijknamige wijk, tussen de Brusselsesteenweg en de Dender. Het kasteel "Overham" van de heerlijkheid Overham en van zijn heren verhief zich te Mijlbeek langs,"den langhen steenwech daer men gaet te brabant weert..., buten den zeeberghen brugghe...". Het omwalde kasteel met ophaalbrug, werd in de 16de eeuw heropgebouwd door Gérard du Bosch, onderbaljuw van Aalst. In 1948 werd het jammer genoeg afgebroken. |
![]() |
![]() |
Kasteel de Rozerie (vroeger Château les Roseraies) werd rond 1852 opgetrokken op de plaats van een oude hofstede, die hoorde bij het Kasteel van Overhamme. De bouwheer was Cornelis Eliaert (1801-1854), grootindustrieel van de Filature uit de Pontstraat en eveneens eigenaar van het Kasteel van Overhamme. |
Omstreeks september 1865 ontwierp de gekende architect J.de Bethune het plan " de la chapelle de la Sainte-Croix, annexe du château". Naar de wensen van de kasteelvrouw Joséphine Eliaert werd het gebouw opgetrokken in rode Boomse baksteen "parce que les autres bâtiments de la ferme sont en briques de cette couleur et qu'il ne serait pas convenable de faire la chapelle avec une qualité moindre... ."
Op de stichtingssteen, in de oostgevel van de kapel, prijken de namen van Leon Leirens, Josephine Eliaert en hun kinderen; P. Charles de Blick d'Opem en P. Felix Van de Putte, "curé d'Erpe", verder Paul Bethune en Adelaïde Eliaert en onderaan Jean Bethune (de ontwerper).
Boven de spitsboogdeuren zijn twee lancetvensters geplaatst waartussen een nis met het beeld van de H.Stephanus, een drielobmotief. De mooie deurmakelaar is gedecoreerd met een beeldje van St.Joris.
In de kapel bevindt zich een fraai houten doksaaltje, uitgewerkt als een zwaluwnest, verbonden met de bovenverdieping van het kasteel. In 1869 werd de kapel voorzien van acht prachtig gekleurde glasramen, eveneens naar een tekening van Jean Bethune. Hieraan hadden 14 man gewerkt. Het hoogste loon, voor een dagtaak van 16u30, bedroeg 3,17fr per dag; het laagste voor een dagtaak van 16u, bedroeg 0,84fr.
In de glasramen herkennen we de H. Jozef, O-L-Vrouw met het Kind Jezus, de H.Leo (paus) in de oostmuur, de H.Henricus, Aloysius en paulus in de Noordmuur; en de H.Cécilia en Théresia van Liseux in de Westmuur. Vermoedelijk naar de voorkeur- of patroonheiligen van de familie Leirens-Eliaert.
De kapel deed in de loop der jaren dienst voor gewone godsdienstoefeningen, mislezen, kerkelijke feestvieringen, maar ook voor doopsels en uitvaartplechtigheden van de familie.
De naam "Château les Roseraies" zou gegeven zijn door baron Felix Bethune-Maertens de Noorthout (Aalst 1857-1901) die een verwoed rozenkweker was. Felix was de zoon van baron Paul-Vaery Bethune (Kortrijk,1830- Aalst, 1901),stichter van de Aalsterse tak de Bethune.
Het landgoed kwam op 22 juni 1889 in handen van Felix Bethune.
|
![]() |
![]() |
Van 19 mei 1919 tot begin augustus 1921 werd in het kasteel een "pensionat de jeunes filles" ondergebracht en werd er privaat onderwijs gegeven door het echtpaar M.Butaeye-Coussaert, Cutseau Marguerite en twee andere onderwijzeressen. In 1921 reeds, wellicht na de dood van Butaeye in 1920, verhuisde zijn weduwe naar Spa. |
| Na de dood van zijn moeder in 1937 kwam Etienne de Bethune- de Potter d'indoye (Aalst, 1899- Brussel,1978), zoon van Felix, het kasteel bewonen. Deze wist zijn afstamming te bewijzen van Maximilien de Bethune, gewezen minister van Financiën van de Franse koning Henri VI (1533-1610), die geadeld werd tot hertog van Sully. Nadat Etienne zich in 1953 liet adopteren door een zekere Mademoiselle Gabriëlle de Sully, verwierf hij de naam de Bethune- de Sully. |
![]() |
Tijdens de 2de wereldoorlog was hier de Duitse Feldpost 34314 ingekwartierd. De andere bezettingsposten waren het Kasteel van Overhamme, het Capucienenklooster, de Feldgendarmerie op het Esplanadeplein, de Werbestelle des R.A.T. in de Kattestraat en de Kreiskommandatur op het Esplanadeplein.
"La Roseraie" bleef tot in 1980 in bezit van de erfgenamen van Etienne de Bethune- de Sully. Het landgoed werd toen verkocht aan de bvba Algeprom. De zaakvoerder, Yvo Lefèvre, zou er voor korte tijd zijn intrek nemen.
In 1984 werd het kasteel in het vredegerecht aan de Graanmarkt openbaar verkocht. De nieuwe eigenaars, dokter Vanfleteren en zijn echtgenote, vormden samen met hun zoon Bart het domein om. Rekening houdend met de originele aard van het complex, is het een lokatie geworden voor feesten en seminaries.